Hiking Europa
- Schotland -
Solotocht NW Highlands 2006








Schotland
orientatie tocht in schotland,
klik op figuur voor vergroting










overzicht tocht NW Highlands
overzicht tocht, klik op figuur voor vergroting

































overzicht dag 1&2
overzicht dag 1 en 2, klik op figuur voor vergroting






















overzicht dag 3
overzicht dag 3, klik op figuur voor vergroting











overzicht dag 4
overzicht dag 4, klik op figuur voor vergroting









overzicht dag 5
overzicht dag 5, klik op figuur voor vergroting











overzicht dag 6
overzicht dag 6, klik op figuur voor vergroting












overzicht dag 7
overzicht dag 7, klik op figuur voor vergroting

Samenvatting

Periode: 19 mei 06 - 25 mei 06

Route:

  • 190506 Glenfinnan station - Corryhully (± 6 km)
  • 200506 Corryhully - Sourlies (± 20 km)
  • 210506 Sourlies - Kinloch Hourn (± 23 km)
  • 220506 Kinloch Hourn - Shiel Bridge (Morvich) (± 18 km)
  • 230506 Shiel Bridge (Morvich) - Maol Bhuidhe (± 22 km)
  • 240506 Maol Bhuidhe - Bearneas (± 16 km)
  • 250506 Bearneas - Kinlochewe (± 23 km)
  • Weer: zon, buiig, regen, hagel, natte sneeuw, 2-10 ºC, wind 2-5 Bft

    Kaarten: Ordnance Survey 40-33-25

    Boeken:

  • Scottish Hill tracks (Scottish Rights of Way and Acces), 4th edition 2004
  • North to the Cape (D. Brook&P. Hinchliffe, Cicerone), 1999
  • Inleiding

    Al zoekende naar een nieuwe uitdaging in mijn favoriete wandelland Schotland stuitte ik op de Cape Wrath Trail, een niet formeel bestaande verlenging van de West Highland Way, met diverse varianten.

    Een goede start was voor mij het boekje 'North to the Cape' dat, zoals de schrijvers zelf aangeven, een guideline is om een route uit te zetten. Het is volgens de schrijvers een zware tocht voor ervaren wandelaars waarbij kennis en vaardigheden van kaart en kompas een vereiste is. Maar ook een goede conditie is een voorwaarde om deze tocht aan te kunnen. Onderweg zijn weinig voorzieningen.

    Deze omschrijving sprak me aan en ik ging verder zoeken op internet naar mensen die delen hadden gelopen. Daar ontdekte ik dat een groot aantal mensen solo tochten maakten. Ik weet niet waarom, maar dat leek me wel wat. helemaal op jezelf aangewezen en maximale flexibiliteit.

    Op aanraden van de schrijvers van 'North to the Cape' heb ik ook het boekje 'Scottish Hill Tracks' aangeschaft. Dit boekje, inclusief handig kaartje, geeft een beschrijving van 322 lange afstand wandelroutes door Schotland, vaak over bestaande paden soms ook niet. Ik vond het zeer bruikbaar voor mijn planning.

    Nadat de kaarten binnen waren kon het plannen beginnen. De tocht zal in twee fasen plaatsvinden ivm beschikbare tijd. Een dit jaar en de andere hopelijk volgend jaar.

    Mijn uiteindelijke route wijkt af van 'Noth to the Cape'. Na de Falls of Glomach hou ik meer NO aan i.p.v. NW om zo via een zeer verlaten deel ten ZW van Loch Monar te kunnen gaan. De afstanden die ik overbrug zijn gemiddeld wat langer dan in het boekje.

    Let op: Deze tocht is alleen geschikt voor zeer ervaren wandelaars. Je moet goed overweg kunnen met kaart en kompas en een zeer goede conditie is een vereiste om deze tocht verantwoord te kunnen maken.

    Hierna volgt een beschrijving van mijn trektocht per dag. Ook kun je de Dia Show Solo-trektocht NW Schotland 2006 bekijken.

    dag 1:Glenfinnan station - (iets voorbij) Corryhully (± 6 km) (OS40)

    Op vrijdagochtend vroeg vertrokken om met de nieuwe lowbudget maatschappij Flyglobespan.com naar Glasgow te vliegen. Om 1000 LT aangekomen en snel naar de bus om in Clydebank op de trein naar Glenfinnan te stappen. De treinreis duurt een groot deel van de dag maar gaat door een mooie omgeving, min of meer parallel aan de West Highland Way.

    Om vijf uur sta ik op het station van Glenfinnan, het dorpje waar (zoals ik later ontdekte) het verhaal van Harry Potter zich afspeelt. Er blijkt nog iemand uit te stappen die ook in de richting van de spoorbrug gaat. Het weer is aangenaam, niet te warm en droog. Het eerste stuk is geasfalteerd en leidt onder de spoorweg door naar het Noorden. Na een tijdje zijn de benen los van het lange zitten in de trein en door de mooie omgeving neemt de zin met rasse schreden toe.

    Na een klein uurtje lopen komt Corryhully in zicht, een bothy (schuilhutje dat openstaat voor wandelaars en klimmers). Ik had al besloten wat verder te lopen, maar wou toch even binnen kijken aangezien dit mijn eerste ervaring met een bothy was. Er bleken nog twee personen aanwezig. Peter uit Londen die ook naar Cape Wrath op weg was en een ander die in de buurt kampeerde en meer het type Munro bagger bleek te zijn. Samen met deze Munro bagger liep ik verder waarbij we zijn tentje passeerden en hij daar afhaakte, de weg was inmiddels zacht maar goed begaanbaar. Hé, daar was de man uit de trein, hij heet Alan en komt uit Wales. Zijn tocht zou de eerste dag gelijk aan die van mij zijn, bleek later.

    Ongeveer twee kilometer na Corry Hully buigt de weg naar het NO en passeert een bruggetje waarbij het pad naar de pas tussen Drum Coire a Bheithe en Streap goed zichtbaar is. Een mooie plek om een stekkie voor de overnachting te zoeken. Het is niet alleen de vuurdoop voor mijn nieuwe tentje (Birdland Stardrop), maar ook voor mijn brander, de Jetboil. Deze werkt uitstekend.

    dag 2:Corryhully - Sourlies (± 20 km)

    Vroeg in de benen om vandaag de eerste echte etappe te gaan maken: via Strathan naar Sourlies aan de kop van Loch Nevis. Er is wat laaghangende bewolking maar het is droog en niet te warm, prima wandelweer. Terwijl ik aan mijn ontbijt zit, zie ik Peter uit Londen aan komen lopen en komt bij me staan. Na het gebruikelijke praatje over materiaal kijkt hij toe hoe ik mijn tanden poets, mijn schoenen aantrekt en inpak. Ondertussen blijft hij maar over materiaal praten, een echte materiaal freak en kennelijk op zoek naar een wandelmaatje. Ik vind het prima, zeker als ik merk dat we het zelfde tempo ongeveer lopen.

    Op weg naar de pas tussen Drum Coire a Bheithe en Streap, passeren we nog een tentje. Het blijkt de Alan te zijn. Hij komt ons achterna zodra hij klaar is. Tot aan de pas is het pad redelijk goed, maar na de pas is er weinig meer van een pad over en zoeken we onze weg naar beneden langs de Allt Cuirnean waar het al aardig drassig begint te worden. Onderweg nog een wandelaarster (solo) maar dan in tegengestelde richting.

    Bij het bos bij Strathan even door de bomen heen bewegen om het bospad op te zoeken en dan lunch bij Strathan, er blijkt nog een woning bewoond. Het volgende stuk gaat naar Sourlies via Glendessary, een prachtige ruige vallei met vele herten. Maar ook highlanders. Eerste stuk is goed te doen maar dan komt de regen en wordt het drassiger en drassiger. Ter hoogte van Lochan a Mhaim (het meertje) zijn mijn voeten echt nat. Inmiddels heeft Alan ook aansluiting gevonden en gedrieën lopen we verder. De afdaling vergt nog wat klauterwerk over rotsen maar dan komt Loch Nevis in zicht. De hemel trekt open en de avondzon schijnt in volle glorie. Het is druk in de bothy. Alan en ik gaan ons tentje opzetten en genieten van de avondzon.

    dag3: Sourlies - Kinloch Hourn (± 23 km)

    Na een heerlijke nacht, ontbijt onder een strakke blauwe lucht met uitzicht over Loch Nevis. Het beloofd een prachtige dag te worden, snel op pad. De route loop langs River Carnoch waarvan het eerste deel erg drassig en moerassig is. Vlak voor het bruggetje zak ik tot mijn liezen weg, toch volgende keer de telescoopstokken maar mee, om wat beter te kunnen anticiperen. Ik loop altijd in mijn lange hardloopbroek, die droogt snel, zeker in dit mooie weer.

    De tocht langs de rivier is zwaarder en natter dan ik had gedacht. Hoe meer ik de rivier volg des te nauwer wordt de vallei. Na passage van een kleine ruine (NM 883 994) besluit ik hoogte te zoeken om de drassige grond wat te ontlopen. Na passage van de 250m hoogtelijn houd ik NO aan om zo het pad naar de Mam Unndalain (NG 887 010) op te zoeken (In North to the Cape lopen ze door tot daar waar de rivier afbuigt naar ZO en klimmen dan N tot 250M om het pad te vinden). Daarna daal ik af via Gleann Unndalain naar Barrisdale, met onderweg een mooi uitzicht over Loch Hourn.

    Lekker geluncht bij de campsite (aanrader als je een standplaats zoekt) waar ook een bothy is met WC, wel klein bedrag betalen. Het weer is nog fantastisch en er is nog tijd genoeg om naar Kinloch Hourn te gaan voor een overnachting. Het pad van Barrisdale naar Kinloch Hourn is goed begaanbaar met een aantal kleine klimmetjes. Na ruim 2 uur lopen kom ik aan in Kinloch Hourn, waar naast een B&B ook voor 1 pond bij een boer gekampeerd kan worden (geen faciliteiten) wel een gratis teek! Ondanks dat het pad mooi was, heb ik het laatste deel hard moeten werken. Het eerste deel langs Carnoch heeft me veel energie gekost. Morgen een relatief korte trip maar wel via The Sadle en een groot deel off track.

    dag4:Kinloch Hourn - Shiel Bridge (Morvich) (± 18 km)

    Een blik door de opening van de tent geeft aan dat het minder zonnig is dan gisteren, maar nog steeds geen echte regen; tot nu toe niets te klagen. Het eerste deel van de tocht van vandaag is nog wel over een pad, direct stijgend door het dennenbos ten Noorden van Kinloch Hourn, parallel de hoogspanningslijn.

    Na ongeveer twee kilometer buigt mijn weg zich af naar het Noorden richting Allt Coire Mhalagain en daar stopt het pad. Ondertussen heb ik vol zicht op The Sadle, een mooie glooiende munro van 1010m. De pas waar ik langs moet, Bealach Coire Mhalagian (700m) is goed zichtbaar. NO aanhouden en het is goed te doen. Halverwege de klim komen er meer en meer vlagen met hagel voorbij en het wordt guur op de pas. Snel doorlopen. Ik volg het stenen dijkje dat onder de Forcan Ridge doorloopt naar Meallan Odhar, waar ik een mooi uitzicht heb op Glen Shiel en natuurlijk de Five Sisters.

    Ik heb een reservedag in mijn schema en kan dus nog wat Munros meepakken. Hier zijn meer mensen, zij lopen dagtochten. Ik zoek mijn weg richting het NW via Allt a Choire Chaoil naar Shiel Bridge. Ondanks dat er geen pad is, is het goed te doen, waarschijnlijk omdat ik wat op hoogte blijf en zo de drassige gronden rond de rivier vermijd. Het laatste stuk langs de Allt Undalain gaat via een pad door een mooie lieflijke vallei, waar weer meer mensen dagtochten maken. Het weer is inmiddels opgeklaard en langzaam trekken de wolken weg en verschijnt het zonnetje weer.

    Ik heb mobiel bereik en meld me aan het thuisfront. Shiel Bridge zelf is niet zo spannend, er schijnt een winkeltje iets ten ZO van Glenshiel Lodge te zijn langs de A87. Wel is er een hotel en nog een restaurant. Ik eindig op Morvich campsite, die goed is ingericht op trekkers. Gelegenheid om natte spullen te drogen in een droogkamer. 's Avonds maak ik plannen voor de volgende dag. De voorspellingen zijn goed en daarom besluit ik een dag langer te blijven om de Five Sisters te gaan doen. De volgende ochtend blijkt maar weer eens hoe voorspelbaar het Schotse weer is.

    dag5:Shiel Bridge (Morvich) - Maol Bhuidhe (± 22 km)

    Als ik wakker wordt en me verheug op een dagje Five Sisters, kom ik bedrogen uit. Laag hangende bewolking en sneeuw boven 500m. Ik besluit op te breken en mijn weg naar het Noorden te vervolgen. Het weer is verslechterd en een front passeert. Gure wind en slagregens maken het tot echt Schots weer, maar daarmee het landschap niet minder aantrekkelijk.

    Het eerste doel voor vandaag zijn de Falls of Glomach (bekende waterval). Normaal gesproken een populaire bestemming, maar vandaag kom ik weinig mensen tegen. Bij de Falls ontmoet ik wel een man, we maken een praatje en hij geeft aan ook op weg te zijn naar het Noorden. Mijn tempo ligt wat hoger, waardoor we afscheid nemen. Hij gaat naar Killian en ik buig in Gleann Elchaig naar het NO af richting Iron Lodge. Ik kom niemand tegen op een deels verharde weg. Na passage van Iron Lodge houd ik N aan langs An Crom allt. Deze richting staat niet in de literatuur die ik gelezen heb, maar in mijn voorbereiding heb ik ontdekt dat Maol-bhuide een bothy is in the middle of nowhere. Ik had een slecht of niet meer aanwezig pad verwacht maar niets blijkt minder waar, althans de eerste 3 km. Daarna wordt het minder en steeds drassiger.

    Het regent nu stevig en ook de wind is van de partij. Mijn voeten worden nat. Uiteindelijk komt Loch Cruoshie in zicht en ergens daar moet de bothy zijn, als ie tenminste (nog) bestaat. Gelukkig is de bothy geen verzinsel maar een prachtig verblijf met een nieuw dak en het staat op een schitterende locatie. Binnen tref ik Geoff aan uit Edinburgh, hij is lid van de Mountain Bothy Association. Het vuurtje brand. Ik slaap boven, wel laag maar er staan twee stretchers. Na een prima avond praten over wandelen in Schotland ga ik naar bed, het is flink afgekoeld, nabij vriespunt en het regent pijpenstelen. Dat beloofd wat voor morgen……

    dag6:Maol Bhuidhe - Bearneas (± 16 km)

    Het doel voor vandaag is Bearneas bothy, waar Geoff de vorige dag heeft overnacht. Hij had teveel spullen mee en heeft een fles whisky en bier achter gelaten. Het plan is vanuit de bothy langs het beekje N te gaan en daar de Lub Chrumn (rivier) te passeren. Waar ik al bang voor was bleek waarheid te zijn. De vele regen en smeltende sneeuw heeft het waterpeil behoorlijk verhoogd en het stroomt veel te snel om er veilig doorheen te waden. Het alternatief is het 'pad' te volgen naar Loch Monar en daar het pad op te pikken langs Loch Calavie, waar ik nu hemelsbreed nog geen twee kilometer van verwijderd ben. Er zit niets anders op wil ik verder naar het Noorden trekken en dus ga ik eerst O.

    Na ongeveer 3 kilometer moet ik de Allt an Loin fhiodha over. Ook hier een hoog waterpeil maar het stroomt beduidend minder hard. Hier moet het lukken. Schoenen en sokken uit, schoenen weer aan, pijpen omhoog en daar sta ik aan de overkant. Voordeel nu is dat ik zo'n 3.5 km NW kan trekken en dan toch bij Loch Calavie uitkom. Volgens Geoff is daar een bruggetje om de uitstromende rivier te passeren. Het weer is nog steeds Schots in een ruige omgeving. Prachtig is het, ik geniet van de omgeving en de elementen. Het bruggetje is er inderdaad, een kabelbrug, redelijk strak gespannen zodat het wel gaat.

    Nu ben ik bij een normaal begaanbaar pad en schiet het weer een beetje op. Ik lunch in Bendornaig Lodge waar een prive bothy is. Ik had daar al veel over gehoord en inderdaad het is een 'luxe' en ruim verblijf met een echte WC. Even verderop is een weer een kabelbrug die mij aan de overkant van Black Water moet zien te krijgen. Deze is minder strak gespannen en de wind staat precies haaks op de kabels. Met veel gewiebel en momenten van 'ik val erin!' haal ik toch de overkant.

    Nu Noord aanhouden op de 250m hoogt lijn om zo de vallei 'Bearneas' binnen te lopen. Er zijn twee grote kuddes herten in de omgeving, ze lopen langzaam weg als ik doorloop en kijken mij nieuwsgierig aan. Aan de Noordzijde van de vallei ligt de bothy, klein maar weer een prachtige locatie. Er is niemand en dat wordt een nachtje alleen met boek, whisky van Geoff en uitzicht op de kudde herten die vlakbij graast en water drinkt uit de rivier. Ondanks de kou een onvergetelijke avond.

    dag7:Bearneas - Kinlochewe (± 23 km)

    Rond half tien rugzak om en aan de wandel. Gelijk even klimmen naar de Baobh-bhacan-Dubha (pas op 550m ten N van de bothy) waardoor de spieren gelijk lekker warm zijn. Het weer is nu echt wat je noemt wisselvallig. Op de korte tocht na de pas hebben verschillende varianten zich in hoog tempo afgewisseld, van felle zon, naar regenbui, naar hagelbui en natte sneeuw en dan in willekeurige volgorde.

    Vanaf de pas zie je de A890 in het dal liggen. Even kijken of de mobiel het doet, want ik zou vandaag het thuisfront even bellen. Sterk signaal en een kort belletje want het waait erg hard en het is guur, niet iets om lang voor op een pas te staan. Na een heel steil afdalinkje wordt de rest naar Achnashellach forest eenvoudig. Ik heb het plan om de oude klassieke route naar Kinlochewe te nemen, via de zogenaamde Coulin Pass. Niet moeilijk maar wel de moeite waard volgens de literatuur. Om deze pas te bereiken moet je via het station Achnashellach (er is geen brug over river Carron, dus er doorheen waden. Bij laag water goed te doen, nu was het meer een uitdaging!).

    De weg naar de pas is simpel maar het weer werkt nog steeds niet mee. Na passage van de pas trekt het gelukkig wat open en heb ik een prachtig uitzicht op de Beinn Eighe en later ook Liathach, beiden met een laag sneeuw op de top. De vallei van Coulin Forest is lieflijk en blijkt een populair wandelgebied te zijn. Uiteindelijk kom ik uit bij de A896 en dan is het nog zo'n 5 km naar Kinlochewe. Zonder al te veel zin begin ik aan dit stuk over asfalt en besluit al gauw mijn liftersduim op te steken. Na enkele auto's is het raak, ook wandelaars en na verontschuldigingen mijnerzijds voor de bijgeurtjes stap ik in en wordt keurig afgezet bij de Bunkhouse. Daar ontmoet ik vele klimmers en wandelaars, waaronder de man die ik bij de Falls of Glomach heb ontmoet! Ik raak met hem, Rob, aan de praat en hij loopt van Lands End naar John O'Groates en is op 25 maart begonnen! Het eten in het naastgelegen hotel is prima.

    Afmars naar huis

    De volgend dag vertrek ik naar Inverness met de bus…..dat was het plan. Stopt er een Range Rover voor de halte en vraagt waar ik heen moet? Inverness, zal ik je daar dan afzetten? Waarom niet! Nog een dagje in Inverness mezelf vermaakt inclusief een kroegentocht met de lokale politie, dan zie je nog eens wat! Terug gevlogen via Londen Heatrow naar Amsterdam.